Het vaststellen van één wettelijk kader voor beroepsonderwijs en volwasseneducatie in Caribisch Nederland en Europees Nederland moet ervoor zorgen dat de uitvoering eenduidiger en beter wordt. De noodzaak daarvoor ligt in het relatief hoge aantal burgers zonder startkwalificatie. Om te kunnen bepalen of de doelen zijn gehaald, is het nodig de evaluatiebepaling aan te scherpen. dat schrijft ATR in een advies.
Eén wettelijk kader
Het wetsvoorstel beoogt over te gaan naar één wettelijk kader dat zowel voor het Caribische als voor het Europese deel van Nederland van toepassing is. De regels in Europees Nederland voor het tegengaan van voortijdig schoolverlaten, gaan op hoofdlijnen ook in Caribisch Nederland gelden. Om dit te bereiken wordt voorgesteld om naast de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) ook de Wet sociale kanstrajecten jongeren BES (SKJ-wet) in te trekken. Om te bepalen of de doelen zijn bereikt, is aanscherping van de evaluatiebepaling nodig.
Gevolgen voor SKJ-organisaties
Het wetsvoorstel heeft ingrijpende gevolgen voor skj-uitvoeringsorganisaties, omdat er na het intrekken van de SKJ-wet geen wettelijke grondslag meer is voor de skj-organisatie en hun activiteiten. De toelichting werkt niet uit wat de impact kan zijn voor sjk-uitvoeringsorganisaties zelf en vooral de doelgroepen waarbij zij betrokken zijn. Het is daardoor niet duidelijk of het hulpaanbod gegarandeerd is. ATR adviseert toe te lichten wat de gevolgen zijn voor de doelgroepen en het ondersteuningsaanbod waarbij de sjk-organisaties betrokken zijn.
Gevolgen voor de regeldruk
ATR adviseert de regeldrukparagraaf aan te vullen.