De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wijzigt enkele regels in de jaarverslaggeving van het funderend onderwijs. De wijzigingen zijn voldoende onderbouwd en leiden tot minder regeldruk voor de onderwijsinstellingen. Dat schrijft ATR in zijn advies aan de Minister.

Context

In de Regeling jaarverslaggeving onderwijs (Rjo) staan de eisen waaraan een jaarverslag en een jaarrekening van een onderwijsinstelling moet voldoen. Die eisen zijn deels hetzelfde als voor andere rechtspersonen en deels specifiek gericht op de onderwijssector.

Wijzigingen

De kleinere onderwijsinstellingen kunnen straks volstaan met een zogenoemd compact bestuursverslag in plaats van een volledig bestuursverslag. Dat betekent een vereenvoudiging van de verslaggeving van niet-financiële informatie. De rapportage over de tijdige aanwezigheid van de ‘verklaringen omtrent gedrag’ (de VOG’s) komt in het bestuursverslag. Dat is minder belastend voor de onderwijsinstellingen dan de oude situatie waarin het onderdeel was van de accountantscontrole van de jaarrekening. Verder voert de Minister enkele technische wijzigingen door in de Rjo.

Oordeel ATR

De reden van de wijzigingen is goed onderbouwd. De regeldruk is goed in beeld. Die vermindert als gevolg van de wijzigingen in de Rjo. ATR adviseert om de wijzigingen vast te stellen.