Het wetsvoorstel verlengt de subsidieperiodes voor cultuuruitingen van vier naar acht jaar. Dat biedt verschillende voordelen en vermindert de regeldruk. Die vermindering van de regeldruk is nog onvoldoende in beeld. Dat schrijft het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR) in een advies aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).

Inhoud en context

De huidige termijn voor de verstrekking van cultuursubsidies door de minister van OCW is vier jaar. Dat heeft diverse nadelen. Zo is bijvoorbeeld het maken van langetermijnplannen lastig. En is het ingewikkelder om andere financieringsbronnen aan te trekken. Daarom adviseerde de Raad voor cultuur om de termijn van vier jaar te verlengen naar acht jaar. Een aangenomen Tweede Kamermotie had dezelfde strekking. De verlenging van de subsidietermijnen brengt meer rust en stabiliteit voor culturele organisaties.

Minder belastende alternatieven en regeldruk

Diverse minder belastende alternatieven zijn denkbaar. De keuze voor automatische verlenging van vierjarige subsidies bijvoorbeeld of de keuze voor structurele subsidiëring. De toelichting maakt duidelijk welke bestuurlijke en juridische nadelen deze varianten hebben. En waarom dus niet is gekozen voor deze varianten.

De gekozen verlenging van subsidietermijn leidt tot een vermindering van de regeldruk. De toelichting maakt onvoldoende duidelijk hoe groot die vermindering is. Dat moet alsnog worden in beeld worden gebracht.

De formele titel van het wetsvoorstel is Wijziging van de Wet op het specifiek cultuurbeleid in verband met aanpassing subsidietermijn naar acht jaar.