Het kabinet implementeert Europese regels met betrekking tot laad- en tankinfrastructuur voor duurzame brandstoffen. De toelichting bij het voorstel is op onderdelen verbeterd, waardoor de onderbouwing van de doeltreffendheid en de regeldrukgevolgen duidelijker in beeld zijn. Tegelijkertijd blijven er aandachtspunten bestaan, onder meer rond toekomstige netcapaciteit en de verwerking van input van brancheorganisaties. Dat schrijft ATR in een aanvullende zienswijze aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat

Eerder advies

ATR bracht op 2 oktober 2025 advies uit over het wetsvoorstel Wet uitvoering EU regels infrastructuur alternatieve brandstoffen en enkele andere regels. Het college adviseerde het voorstel niet in te dienen, tenzij de belangrijkste aandachtspunten werden verwerkt. Deze betroffen onder meer het beter onderbouwen van de doeltreffendheid van het voorstel en het voorkomen van dubbele gegevensuitvraag door meerdere toezichthouders.

Aanvullende zienswijze

In de aanvullende zienswijze constateert ATR dat het ministerie op verschillende punten opvolging heeft gegeven aan de eerdere aanbevelingen. Zo is de onderbouwing van de doeltreffendheid van het voorstel aangescherpt en is de regeldrukberekening aangevuld. Ook is beter toegelicht hoe onnodige gegevensuitvraag door toezichthouders wordt voorkomen.

Wel ziet het college nog aandachtspunten. De memorie van toelichting biedt nog onvoldoende inzicht in de vraag of toekomstige laadinfrastructuur kan beschikken over voldoende netcapaciteit. Daarnaast is de verwerking van input van brancheorganisaties beperkt uitgewerkt. ATR adviseert deze punten verder te verduidelijken.

De formele titel van het besluit luidt: Wet uitvoering EU-regels infrastructuur alternatieve brandstoffen en enkele andere regels.