Het kabinet komt met een nieuw voorstel om een Europese Richtlijn hernieuwd om te zetten. Daarnaast is vereenvoudiging en verduidelijking beoogd van de taakvervulling door het College van Toezicht Auteursrechten (CvTA). Op korte termijn leidt het voorstel tot regeldrukvermindering voor collectieve beheersorganisaties. ATR concludeert dat het voorstel onvoldoende waarborgen bevat voor blijvende regeldrukvermindering. Daarnaast komt het perspectief van de gebruiker in het nieuwe voorstel onvoldoende uit de verf. Dat schrijft ATR in een advies aan de staatsecretaris van Justitie en Veiligheid.
Context
Het voorstel schrapt het preventieve toezicht op beheersorganisaties; in de toelichting bestempeld als het schrappen van een nationale kop. Het voorstel introduceert meldplichten voor de sector. Deze kunnen als nationale kop worden aangemerkt. De kosten van het toezicht worden voortaan doorbelast aan de sector. Het is begrijpelijk dat kostenefficiënt toezicht voor de sector gunstig is. Het is alleen de vraag of de lastenvermindering van 250.000 euro duurzaam is. Door het ontbreken van preventief toezicht is het risico aanwezig dat handhaving straks via juridische procedures plaatsvindt waardoor de sector én de samenleving hogere kosten draagt. Deze kosten kunnen al snel oplopen tot een bedrag groter dan de lastenvermindering.
Onevenwichtig
In het huidige toezicht wordt het publieke belang meegewogen via de maatschappelijke rolopvatting van het CvTA. Hierdoor bestaat oog voor de belangen van gebruikers van bijvoorbeeld muziekwerken. Dit toezicht wordt in het voorstel verengd tot strikt toezicht op de naleving van een aantal bepalingen uit de wet door collectieve beheersorganisaties. De nieuwe wet wordt hierdoor volgens ATR onevenwichtig en biedt onvoldoende waarborgen om kostenstijging voor gebruikers te voorkomen.