Het kabinet wil de Koninklijke Marechaussee meer mogelijkheden geven de Nederlandse grenzen intensiever te controleren. Noodzaak en effectiviteit van meer controles worden in het voorstel niet onderbouwd. Minder belastende alternatieven zijn niet toegelicht en de regeldrukgevolgen voor de grensregio’s niet in kaart gebracht. Dat schrijft ATR in een advies aan de minister van Asiel en Migratie (A&M).

Effectiviteit onduidelijk

Het kabinet geeft aan dat verruiming van de mogelijkheden voor meer controles nodig zou zijn om irreguliere migratiestromen tegen te gaan. Om zo de druk op de asiel- en migratieketen te verlagen. Uit onderzoek blijkt echter dat binnengrenscontroles daar echter niet of nauwelijks aan bijdragen. Dat maakt de toelichting ontoereikend, met name omdat alternatieve maatregelen die mogelijk effectiever zijn niet worden toegelicht of afgewogen.

Regeldruk grensregio’s

Bewoners en ondernemers in de grensregio ervaren hinder van de wegcontroles. Met de voorgestelde verruiming zullen deze naar verwachting toenemen. Deze ervaren regeldruk wordt in het voorstel niet goed in beeld gebracht, waardoor zij niet goed kan worden meegewogen in de besluitvorming. Dat zou alsnog moeten gebeuren.

De formele titel van het voorstel luidt Besluit tot wijziging van het Vreemdelingenbesluit 2000 in verband met aanpassing van de regels voor het mobiel toezicht veiligheid ter bestrijding van illegaal verblijf na grensoverschrijding