Ziekenhuizen mogen voortaan radioactief afval dat snel genoeg vervalt, tot vijf jaar in opslag houden. Zij hoeven dit minder vaak af te voeren naar de Centrale Organisatie voor Radioactief Afval (COVRA). Dit zorgt voor minder kosten voor ziekenhuizen. Uit onderzoek blijkt dat een ruimere opslag-termijn van bijvoorbeeld acht of tien jaar mogelijk is. ATR adviseert uiteen te zetten waarom niet voor zo’n ruimere termijn is gekozen. Indien deze onderbouwing niet mogelijk is adviseert het te kiezen voor een ruimere termijn. Dit schrijft ATR in een advies aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat.
Verruiming tijdelijke opslag van radioactief afval
Op dit moment geldt dat kortlevend radioactief afval met een halveringstijd van minder dan 100 dagen maximaal twee jaar mag worden opgeslagen. Daarna kunnen deze afvalstoffen als conventioneel afval worden afgevoerd. Radioactief afval dat niet binnen de termijn vervalt moet worden afgevoerd naar de COVRA. Het voorstel regelt een verruimde opslagtermijn tot vijf jaar. Dit kan voor een kostenbesparing zorgen bij ziekenhuizen. Volgens het RIVM kan de opslag tot tien jaar veilig. Het voorstel maakt niet duidelijk waarom niet voor een termijn van acht of tien jaar wordt gekozen. Mogelijk kunnen hierdoor meer kosten worden bespaard. ATR adviseert duidelijk te maken wat de kosten en baten zijn van een langere opslagtermijn en te motiveren waarom niet voor een langere termijn is gekozen.
Consultatie uitvoeringspraktijk
De zorgsector is betrokken bij de voorbereiding van het voorstel. Niet duidelijk is of er nog aandachtspunten zijn die de werkbaarheid in de praktijk beïnvloeden. Ook wordt afgezien van openbare (internet)consultatie bij het voorstel. Volgens ATR kan openbare consultatie de kwaliteit van het voorstel ten goede komen. Om deze reden adviseert het college alsnog een consultatie uit te voeren en duidelijk te maken wat de uitkomsten zijn van de betrokkenheid van de zorgsector en mogelijke andere partijen.
Regeldrukanalyse onvolledig
Het voorstel zorgt voor minder regeldruk voor onder andere ziekenhuizen die gebruikmaken van de verruimde termijn. De regeldrukanalyse is echter nog onvolledig. Zo is niet duidelijk wat de kosten zijn voor ziekenhuizen van mogelijke extra administratie, van de wijziging van de vergunning en het beveiligingsplan. Door de incomplete regeldrukanalyse is de mogelijke impact van het besluit niet duidelijk. ATR adviseert de regeldrukeffecten alsnog in kaart te brengen conform de Rijksbrede methodiek.