Het kabinet wil terugleverkosten voor zelf opgewekte duurzame elektriciteit duidelijker en beter vergelijkbaar maken. Energieleveranciers moeten bij contracten transparanter aangeven hoe terugleverkosten worden berekend. Ook moeten zij deze kosten op de factuur voor huishoudens en micro-ondernemingen weergeven in euro per teruggeleverde kWh. De regeldrukgevolgen van deze verplichtingen is nog onvoldoende in kaart gebracht. Dat schrijft ATR in een advies aan de minister van Klimaat en Groene Groei (KGG).

Context
De wijzigingsregeling stelt vanaf 1 januari 2027 uniforme regels voor de presentatie en facturering van terugleverkosten en -voorwaarden door energieleveranciers. Daarnaast bevat zij enkele administratieve en technische correcties in de Energieregeling en de Regeling garanties van oorsprong.
De maatregelen kunnen bijdragen aan beter begrip van de energierekening. Op dit moment zijn de opbrengsten en mogelijke kosten van teruglevering voor consumenten en micro-ondernemingen vaak lastig te doorgronden. Daardoor is het moeilijk om energiecontracten goed te vergelijken en een passende leverancier te kiezen.
Regeldruk
Uit de toelichting blijkt nog onvoldoende welke alternatieven zijn overwogen om de transparantie en vergelijkbaarheid van terugleverkosten te verbeteren. Ook is de regeldrukberekening nog niet volledig uitgewerkt. De toelichting noemt een maximumbedrag van € 80.000 per leverancier, maar maakt niet duidelijk hoeveel bedrijven worden geraakt, welke handelingen zij precies moeten verrichten en wat de totale landelijke regeldruk is. Dit kan beter onderbouwd worden.
De formele titel van het voorstel luidt: wijziging van de Energieregeling in verband met presenteren en factureren terugleverkosten en tot wijziging van de Regeling garanties van oorsprong