Het wetsvoorstel dat dubbele belastingheffing voorkomt bij de samenloop van twee werkgeversheffingen is voldoende onderbouwd. De noodzaak van de maatregel is duidelijk gemotiveerd en de gevolgen voor de werkbaarheid en regeldruk zijn beperkt. Het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR) heeft daarom geen opmerkingen bij het voorstel. Dat schrijft ATR aan de staatssecretaris van Financiën.

Voorkomen van dubbele heffing

Met ingang van 1 januari 2027 wordt een nieuwe pseudo-eindheffing ingevoerd voor werkgevers die een fossiele personenauto aan een werknemer ter beschikking stellen voor privégebruik. In uitzonderlijke gevallen kan deze heffing samenlopen met de bestaande pseudo-eindheffing voor excessieve vertrekvergoedingen. Zonder aanvullende regelgeving zou een werkgever over hetzelfde loonbestanddeel beide werkgeversheffingen moeten betalen.

Het wetsvoorstel voorkomt deze samenloop door te bepalen dat het voordeel van de fossiele personenauto buiten beschouwing blijft bij de berekening van de pseudo-eindheffing voor excessieve vertrekvergoedingen wanneer over datzelfde voordeel reeds de nieuwe pseudo-eindheffing verschuldigd is. Daarmee wordt voorkomen dat over dezelfde grondslag tweemaal een werkgeversheffing wordt geheven.

Nut en noodzaak voldoende onderbouwd

De noodzaak van de voorgestelde anticumulatiebepaling is overtuigend onderbouwd. Het voorstel sluit aan bij bestaande anticumulatieregels binnen de loonbelasting en voorkomt ongewenste dubbele heffing.

Werkbaarheid en regeldruk goed in kaart gebracht

Ook de gevolgen voor de werkbaarheid zijn beperkt. Slechts een klein aantal werkgevers zal met de samenloop van beide heffingen worden geconfronteerd. Voor deze werkgevers bestaat de aanvullende administratieve handeling uit het controleren of beide regelingen van toepassing zijn en het verwerken daarvan in de aangifte loonheffingen. De regeldruk blijft daardoor verwaarloosbaar.

ATR heeft daarom geen opmerkingen bij het voorstel.

De formele titel van het voorstel luidt: Wijziging van de Wet op de loonbelasting 1964 in verband met het opnemen van een anticumulatiebepaling voor de pseudo-eindheffing ter zake van fossiele personenauto's.