Het kwalificatiecertificaat deskundige voor de passagiersvaart is voortaan te behalen op basis van een administratief examen. Dit volgt uit een wijziging van de Binnenvaartregeling. Alleen als dit administratief examen daadwerkelijk wordt gerealiseerd zal een regeldrukvermindering kunnen optreden voor de sector. Eerder was bij de implementatie niet duidelijk dat de mogelijkheid van het administratief examen bestond. Voor nieuwe wijzigingen is volgens ATR wel van belang dat dit duidelijk is om lastenluwe implementatie van EU-regelgeving te waarborgen. Dit schrijft ATR in een advies aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat.

Regeldrukvermindering door administatief examen

Nederland is vooralsnog niet voornemens het administratief examen ook voor de praktijk mogelijk te maken. Volgens ATR vormt dit examen een minder belastend alternatief voor de huidige praktijk waarin eerst een reguliere opleiding moet worden gevolgd. Daarom adviseert het college het administratief examen voor de praktijk te realiseren, tenzij uit afstemming met CBR en de sector zou blijken dat dit onevenredige kosten vergt en niet voorziet in enige (praktijk)behoefte.

Lastenluwe implementatie EU-regelgeving

Het voorstel regelt de nadere implementatie van een EU-richtlijn. Het neemt daarbij de bepalingen uit het besluit van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) over. Bij de eerdere implementatie van de EU-richtlijn in de nationale regelgeving was echter niet duidelijk dat een minder belastende optie werd geboden in de EU-richtlijn. Volgens het college is het belangrijk dat dit bij toekomstige implementatie van EU-regelgeving wel duidelijk is. Lastenluwe implementatie is bovendien kabinetsbeleid. ATR adviseert daarom bij toekomstige besluitvorming in CCR-verband en bij nadere implementatieregelgeving te kiezen voor lastenluwe implementatie en de implementatie-keuzes transparant te motiveren.

Zicht op regeldrukgevolgen

Het voorstel stelt dat er geen regeldrukeffecten optreden door de wijzigingen. ATR constateert dat als gevolg van het voorstel wel een regeldrukafname mogelijk is. Hierdoor is de mogelijk (positieve) impact van het voorstel onduidelijk. Het college adviseert daarom de regeldrukgevolgen alsnog kwalitatief en kwantitatief uit te werken in de toelichting.

Aanvullend adviseert ATR om bij toekomstige CCR-besluiten ook de regeldrukgevolgen kwalitatief en kwantitatief in kaart te brengen. Dit draagt bij aan onderbouwde besluitvorming en lastenluwe implementatie van EU-regelgeving.