Uitleners moeten omzetgegevens aanleveren waar de overheid al over beschikt. In reactie op een eerder ATR-advies heeft het ministerie de onderbouwing aangevuld, maar ook in de nieuwe versie blijft onduidelijk waarom niet wordt gekozen voor het minder belastende alternatief waarbij de overheid gebruik maakt van gegevens die zij al heeft. Dat schrijft ATR in een aanvullende zienswijze aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Eerder advies
ATR bracht eerder advies uit over nieuwe verplichtingen voor uitleners. Belangrijkste punt van dit negatieve advies is dat mogelijk sprake is van een (deels) onnodige gegevensuitvraag. De overheid wil de uitleners verplichten gegevens aan te leveren die (deels) al in haar bezit zijn.
Vragen blijven staan
Het ministerie staat in de toelichtingen stil bij het ATR-advies. Het ministerie geeft aan dat de mogelijkheden voor gegevensuitwisseling tussen overheidsorganisaties onderzocht worden en mogelijk op termijn worden doorgevoerd. Dit gebeurt niet (meer) voor de inwerkingtreding van de voorstellen. Daardoor blijft onduidelijk in hoeverre (op termijn) gebruik gemaakt gaat worden van een mogelijk minder belastend alternatief.
Verduidelijking
In de eerdere versie was niet goed genoeg duidelijk welke gegevens uitleners zouden moeten aanleveren. Mede naar aanleiding van het ATR-advies is dat verduidelijkt en daarbij is aangegeven dat bij de uitwerking sociale partners worden betrokken. De beslisinformatie is op dit punt dus verbeterd.
De aanvullende zienswijze van ATR is uitgebracht op de versies van de voorstellen van 22 mei 2026.